Ruimen


Herfstvakantie: de grote zomer-/winterwissel staat op het programma. Ik herinner me de jaren dat de kinderen klein waren en 2x per jaar zo’n wissel niet genoeg was, zo hard groeiden ze uit hun kleren. Nu gaat het in wat minder snel tempo, maar de herfstvakantie grijp ik dan toch aan om die kasten eens uit te zoeken. Of eigenlijk: te láten uitzoeken, want sinds een paar jaar hoef ik er niet zoveel meer aan te doen. Sta je met kleintjes nog met een steeds warmer, roder hoofd al die kleertjes aan en uit te trekken en op te vouwen, nu regelen die tieners het zelf wel even.

 

“Vergeet je niet een stofdoek over die planken te halen voor je ze weer inruimt?” en “Stop het direct maar in vuilniszakken als je klaar bent”, is ongeveer mijn bijdrage aan het pas-proces van zoon. Hij past namelijk bijna niets meer, en dat is overduidelijk: alle mouwen zijn te kort. Of pijpen, naargelang het kledingstuk. Bij dochter is het soms twijfelachtig: nú is het net-aan, over een maand waarschijnlijk écht te klein. Ik word makkelijker: “Doe meteen maar in die zak!” Anders kan ik in november nog zo’n ronde doen. Bij zoon vinden we nog iets leuks achter in de kast: zijn gipsen been. Hij was drie toen hij op een avond van de trap viel en een twijgbreuk in z’n scheenbeen opliep. Het beentje ging tot boven de knie in het gips – toen het gips er af mocht, hebben we het netjes bewaard, compleet met alle handtekeningen en tekeningetjes er op. Vol verwondering bekijken we het samen: dertien jaar later komt het gipsen beentje tot halverwege z’n onderbeen.

 

Terwijl het proces vordert ben ik coachend aanwezig: ik gooi oude sokken weg en geef mijn mening over mouwlengtes. Ondertussen ontstaat er steeds meer ruimte in de kasten. Ruimte voor iets nieuws, want ze moeten wel wat aan natuurlijk. Ik richt even wat planken anders in, en voel ergens in mijn hoofd ook orde ontstaan. Terwijl je met je handen bezig bent, kan je hoofd op een andere manier nadenken dan wanneer je aan je bureau zit. De herfstvakantie is een tijd om je te ontdoen van alle spinrag in de hoeken, van alle gedachten die te lang lagen te verstoffen, en om ruimte te maken om het lange, donkere seizoen in te gaan. Aan het eind van de dag laden we zakken in de auto, op weg om het kringloopproces in te gaan.

 

Is het zo ook niet met sommige gedachten en gewoonten die we moeten opruimen? Met veel plezier (of soms wat minder) gebruikt, maar nu ben ik er uit gegroeid en mag het weg. Wellicht heeft een ander er wat aan, en dan kan ik de gedachte doorgeven. Sommige dingen kunnen beter gewoon in de vuilnisbak, weg ermee! Ruimte maken voor iets nieuws. Af en toe zo’n schoonmaakronde in je hoofd en hart kan geen kwaad. En dan met God als een soort coachende moeder die helpt als je er zelf even niet uitkomt. “Vergeet je het spinrag niet weg te halen in de donkere hoeken?”

 

Een reactie plaatsen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *